Banjul, de kleinste hoofdstad van Afrika, straalt een rustgevende sfeer uit. Je krijgt het gevoel dat je eerder wandelt in een dorp dan in een commercieel centrum.
Banjul, de hoofdstad van Gambia, is gelegen op een eiland, gescheiden van het vasteland door een kleine rivier. De stad werd in 1816 door de Britten gesticht als handelscentrum voor slaven. Nu zijn de meeste van de 50.000 inwoners in de pindanoten-industie te werk gesteld, het nationale exportproduct van Gambia.
De Albert markt is het levendige centrum van de stad. Je kan er makkelijk enkele uren rondslenteren op zoek naar een leuk souvenir. Ook een bezoek aan het Nationaal Museum van Gambia is de moeite waard. De collectie aan foto’s, kaarten en teksten over archeologie, Afrikaanse volkeren en de koloniale periode zullen je zeker kunnen boeien. In de buurt staat ook de 35 meter hoge boog die werd geplaatst als herinnering aan de staatsgreep op 22 juli 1994.